Bezoek Lely

Op woensdag 8 maart zijn wij bij Lely op bezoek geweest. Lely is een bedrijf dat robots produceert voor landbouwtoepassingen, maar het maakt ook maaimachines. Zo hebben zij een mestduwrobot, een melkrobot en een voederrobot voor koeien. Lely heeft klanten in zo’n 60 landen en er werken ongeveer 2000 medewerkers bij Lely.  Omdat zij maaimachines maken vonden wij het een goed idee om hen te vragen of wij een keer langs mogen komen voor ons project.

Jelmer Ham was onze gids en hij gaf ons eerst een presentatie over Lely.   Wat opvallend was, was dat Lely wel 2500 patenten heeft op allerlei zaken die ogenschijnlijk niets met landbouwproducten te maken hebben. Ze hebben bijvoorbeeld patent op een tankslurje om vliegtuigen in de lucht bij te tanken. Dat is een ontstaan uit een idee om een giertank leeg te pompen. Na Jelmers verhaal hebben wij onze eigen presentatie gehouden en lieten we ons prototype van LEGO zien.  Jelmer heeft het daarna nog uitgebreid gehad over de koppeling aan de tractor en de manier van uitwijken voor dieren.  Hij zei dat tractors allemaal een standaardprotocol voor communicatie met allerlei apparatuur hebben: een IDO bus. Alleen zit de maaibalk niet aangesloten op deze bus, maar wordt van uit de kabine met een hydroliek handel bediend.  Het makkelijkst zou zijn om de traktor zelf  aan te sturen. Ook zouden de infraroodsensoren bij meerdere taken van de tractor handig zijn, zoals bijvoorbeeld het maaien en het omdraaien van gras. Daarom zou ons systeem het best geïntegreerd kunnen worden met de tractor en niet met de maaibalk.  Ook zouden de sensoren verder naar voren geplaatst kunnen worden. De maaimachines die Lely produceert zijn bedoeld voor boeren die grote velden moeten maaien. Daarom maakt het niet uit dat de sensoren uitsteken, want ze komen toch nergens tegen aan. Hij liet een plaatje zien van sensoren die de kwaliteit van de gewassen checkte, deze zaten aan ´voelsprieten´ op de tractor en zo zouden ook de infraroodsensoren kunnen worden bevestigd.

Jelmer gaf aan dat egels niet de hoofdzorg waren, maar juist andere dieren zoals konijnen, reekalveren en weidevogels. In onze oplossing maakt dit niet uit, want het zijn allemaal warmbloedige dieren. We gaan nog wel onderzoek doen naar deze dieren.

En het bleek ook nog dat de tractoren niet zo makkelijk snel hun maaibalk konden optillen, mede doordat de tractor veel sneller in open velden kan rijden; soms meer dan 20 km/u. Daarom was het beter om te stoppen en uit te stappen om het dier te vinden en ergens veilig te stellen.

Ten slotte kregen we nog een rondleiding door de fabriek, waar we helaas geen foto´s mochten maken. Hier werd vooral de assemblage van de mest- voer en melkrobots gedaan. Grappig was dat de mest- en voerrobot qua functies veel lijken op onze wedstrijdrobot. Ze hebben twee wielen en een derde steunpunt. Doot de twee wielen verschillende snelheden te geven kunnen de robots draaien. Het grote verschil met onze robot was het enorme gewicht. Als basis zit er een blok beton van ongeveer 500kg in de robots. Dit is nodig omdat ze vaak zweare lasten moeten weg kunnen duwen. Eigenlijk was minimum leeftijd om in de fabriek te mogen komen 16 jaar, maar voor ons werd een uitzondering gemaakt.

Als cadeautje kregen we allemaal het spel ‘Farming Simulator’ mee. Hierin zitten meer dan 250 authentieke landbouwvoertuigen waaronder ook spullen van Lely.

We krijgen terug op een leerzaam en leuk bezoek.

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *